**1.** Aan de voorzitter is voorbehouden de bevoegdheid tot het nemen van een besluit en het verrichten van een privaatrechtelijke rechtshandeling, neergelegd in een document, gericht tot:
de Raad van Ministers (van het Koninkrijk) of een daaruit gevormde onderraad of een commissie;
een minister of een staatssecretaris;
een autoriteit in binnen- of buitenland, gelijk of hoger in rang dan een minister of staatssecretaris;
de Voorzitter van de Eerste of Tweede Kamer der Staten-Generaal, of de Voorzitter van een uit één van die Kamers gevormde commissie, of een individueel lid;
de Raad van State (van het koninkrijk);
een Hoog College van Staat.
**2.** Aan de voorzitter is voorbehouden hetgeen is vastgelegd in bijlage 1.
**3.** Aan de voorzitter is tevens voorbehouden de bevoegdheid tot het nemen van een besluit inzake een bezwaar tegen een besluit dat door de secretaris dan wel een afdelingshoofd is genomen.
**4.** Aan de voorzitter is eveneens voorbehouden de bevoegdheid tot het verrichten van een andere handeling dan het nemen van een besluit of het verrichten van een privaatrechtelijke rechtshandeling ten opzichte van één van de in het eerste lid genoemden.
**5.** Het vierde lid geldt niet ten aanzien van handelingen ten opzichte van één van de in het eerste lid, onder a tot en met f, genoemden, voor zover het stukken betreft die van louter informatieve aard zijn.
Paragraaf
Artikel 2
Artikel 2
Onderdeel van Besluit PT verlening mandaat, volmacht en machtiging voorzitter en secretaris Productschap Tuinbouw· Agrarisch recht
Deze tekst geldt sinds 21 mei 2006