Naar hoofdinhoud

Titel 2 › Hoofdstuk 2.2 › Afdeling 2.2.11 › § 2.2.11.1

Artikel 2:93

Artikel 2:93

Onderdeel van Wet op het financieel toezicht· Bank- en effectenrecht, financiering

Deze tekst geldt sinds 12 juni 2015

Artikel 2:92, eerste lid, is niet van toepassing op financiële ondernemingen die: voor het uitoefenen van het bedrijf van verzekeraar een door de Nederlandsche Bank op grond van dit deel verleende vergunning hebben, voorzover het aan hen ingevolge die vergunning is toegestaan op te treden als gevolmachtigde agent of ondergevolmachtigde agent; voor het uitoefenen van het bedrijf van financiële instelling een door de Nederlandsche Bank op grond van het Deel Prudentieel toezicht financiële ondernemingen verleende verklaring van ondertoezichtstelling hebben, voorzover het aan hen ingevolge die verklaring is toegestaan op te treden als gevolmachtigde agent of ondergevolmachtigde agent; voor het uitoefenen van het bedrijf van bank een door de Europese Centrale Bank of de Nederlandsche Bank verleende vergunning hebben; of voor het uitoefenen van het bedrijf van premiepensioeninstelling een door de Nederlandsche Bank op grond van dit deel verleende vergunning hebben, voorzover het aan hen ingevolge die vergunning is toegestaan op te treden als gevolmachtigde agent of ondergevolmachtigde agent.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel