**1.** Een betaalinstelling, clearinginstelling, elektronischgeldinstelling, entiteit voor risico-acceptatie, bank, kredietunie, premiepensioeninstelling, verzekeraar, wisselinstelling of bijkantoor als bedoeld in artikel 11, eerste lid, maakt een onderbouwde beoordeling van de betrouwbaarheid van personen die zij wil benoemen in een integriteitsgevoelige functie.
**2.** De financiële onderneming, onderscheidenlijk het bijkantoor, draagt zorg voor de beoordeling van de betrouwbaarheid van degenen die, anders dan op grond van een arbeidsovereenkomst, werkzaamheden in een integriteitgevoelige functie verrichten.
**3.** Het eerste en tweede lid zijn niet van toepassing op een verzekeraar, niet zijnde een verzekeraar met beperkte risico-omvang, voor zover het een integriteitgevoelige functie betreft die is aan te merken als een sleutelfunctie als bedoeld in artikel 42, eerste lid, van de richtlijn solvabiliteit II.
Hoofdstuk 3
Artikel 13
Artikel 13
Onderdeel van Besluit prudentiële regels Wft· Bank- en effectenrecht, financiering
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2016