**1.** Een beleggingsonderneming die een beleggingsdienst verleent als bedoeld in
onderdeel a, b of c van de definitie van het verlenen van een beleggingsdienst in
artikel 1:1 van de wet kan
voldoen aan het vereiste dat zij adequate maatregelen treft ter bescherming van de
rechten van cliënten op aan hen toebehorende gelden of financiële instrumenten en
ter voorkoming van het ongeoorloofd gebruik daarvan als bedoeld in artikel 4:87, eerste lid, van de
wet door het sluiten van een schriftelijke overeenkomst met een cliënt,
waarin tenminste is bepaald dat:
de door de beleggingsonderneming aangehouden financiële instrumenten die de
cliënt toebehoren worden bewaard en geadministreerd:
overeenkomstig het bepaalde in de Wet
giraal effectenverkeer, of
in een bewaarinstelling;
de gelden, als bedoeld in artikel 4:87, eerste lid,
onderdeel a, van de wet, worden aangehouden op een of meer
rekeningen bij een bank ten name van de cliënt, of in een bewaarinstelling,
indien de gelden ter uitvoering van een transactie in financiële instrumenten
worden aangehouden;
creditering of debitering van de bij de beleggingsonderneming aangehouden
rekening in financiële instrumenten van de cliënt uitsluitend geschiedt tegen
gelijktijdige debitering of creditering van het te ontvangen of verschuldigde
bedrag op de daarvoor bestemde geldrekening van de cliënt of de rekening ten
name van de bewaarinstelling; en
de beleggingsonderneming uitsluitend bevoegd is om over de financiële
instrumenten, bedoeld in onderdeel a, en de gelden, bedoeld in onderdeel b, te
beschikken voor zover dit noodzakelijk is ter uitvoering van de diensten van
de beleggingsonderneming voor de cliënt.
**2.** De beleggingsonderneming draagt er zorg voor dat de bewaarinstelling, bedoeld in
het eerste lid, voldoet aan de volgende voorwaarden:
de bewaarinstelling is een rechtspersoon naar Nederlands recht;
een ieder die de bewaarinstelling krachtens statuten of reglementen
vertegenwoordigt dan wel het dagelijks beleid van de bewaarinstelling bepaalt,
is geschikt in verband met de uitoefening van het bedrijf van
bewaarinstelling. Tevens dient de betrouwbaarheid van de in dit onderdeel
bedoelde personen, alsmede van de personen die rechtstreeks of middellijk
bevoegd zijn om die personen te benoemen of te ontslaan buiten twijfel te
staan;
degenen die ten behoeve van de bewaarinstelling werkzaamheden verrichten
mogen niet werkzaam zijn voor het bedrijfsonderdeel van de financiële
onderneming dat beleggingsdiensten verleent, of daarvoor
(eind)verantwoordelijkheid dragen;
de bewaarinstelling verricht geen andere activiteiten dan het bewaren en
administreren van de financiële instrumenten, bedoeld in het eerste lid,
onderdeel a, of de gelden, bedoeld in het eerste lid, onderdeel b;
de bewaarinstelling treedt uitsluitend op in het belang van de cliënten van
wie financiële instrumenten en gelden door de beleggingsonderneming bij de
bewaarinstelling in bewaring zijn gegeven;
transacties in financiële instrumenten voor rekening van de cliënt
geschieden slechts indien het saldo op de bij de bewaarinstelling aangehouden
rekening ten name van die cliënt toereikend is;
de financiële instrumenten, bedoeld in het eerst lid, onderdeel a, en
gelden, bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, worden aangehouden op een of
meer rekeningen op naam van de bewaarinstelling bij een bank, waarbij de
bewaarinstelling een strikte administratieve scheiding toepast ten aanzien van
gelden die toebehoren aan de cliënten van de beleggingsonderneming en de
gelden die toebehoren aan de bewaarinstelling;
de som van de rechten van cliënten op financiële instrumenten
onderscheidenlijk gelden, komt overeen met de som van de door de
bewaarinstelling voor cliënten bewaarde financiële instrumenten
onderscheidenlijk gelden;
de nakoming van de verplichtingen van de bewaarinstelling is gegarandeerd
door de beleggingsonderneming;
de bewaarinstelling is jegens de cliënten aansprakelijk voor de door hen
geleden schade, voor zover die schade het gevolg is van verwijtbare
niet-nakoming van haar verplichtingen;
de bewaarinstelling wordt in de risicobeoordelings-, meet- en
controleprocedures van de beleggingsonderneming betrokken;
de bewaarinstelling die financiële instrumenten, bedoeld in het eerste lid,
onderdeel a, bewaart en administreert beschikt over een bedrag aan eigen
vermogen van ten minste 125.000 euro. De bewaarinstelling die uitsluitend
gelden, bedoeld in het eerste lid, onder b, bewaart en administreert beschikt
over een bedrag aan eigen vermogen van ten minste 50.000 euro.
**3.** Het eerste lid, onderdeel b, is niet van toepassing op beleggingsondernemingen
die voor de uitoefening van het bedrijf van bank een door de Europese Centrale
Bank of een door de Nederlandsche Bank verleende vergunning hebben, of voor de
uitoefening van het bedrijf van financiële instelling een door de Nederlandsche
Bank op grond van het Deel prudentieel
toezicht financiële ondernemingen verleende verklaring van
ondertoezichtstelling hebben.
Abusievelijk is op het eerste lid een wijziging geformuleerd die niet kan
worden doorgevoerd.
Hoofdstuk 7 › § 6.5
Artikel 7:17
Artikel 7:17
Onderdeel van Nadere regeling gedragstoezicht financiële ondernemingen Wft· Bank- en effectenrecht, financiering
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2018