Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3 › § 5

Artikel 3.12

Artikel 3.12

Onderdeel van Wet handhaving consumentenbescherming· Contracten, schade en aansprakelijkheid

Deze tekst geldt sinds 1 juli 2021

1. De krachtens artikel 13, eerste lid, van de Tabaks- en rookwarenwet benoemde ambtenaren zijn belast met het toezicht op de naleving van de wettelijke bepalingen inzake inbreuken binnen de Unie voor welke de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit als bevoegde autoriteit is aangewezen. 2. Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport kan, indien naar zijn oordeel een inbreuk binnen de Unie op een van de wettelijke bepalingen, bedoeld in onderdeel f van de bijlage bij deze wet heeft plaatsgevonden: een bestuurlijke boete opleggen; een last onder dwangsom opleggen. 3. De artikelen 2.24, 3.2, tweede lid, 3.4, zesde en zevende lid, en 3.4a zijn van overeenkomstige toepassing. 4. Artikel 11b, tweede lid, van de Tabaks- en rookwarenwet is van overeenkomstige toepassing. 5. De artikelen 2.2a en 2.7 zijn van overeenkomstige toepassing ten aanzien van inbreuken of inbreuken binnen de Unie op bepalingen waarvoor de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit krachtens artikel 3.7 is aangewezen als bevoegde autoriteit, met dien verstande dat voor «de Autoriteit Consument en Markt» wordt gelezen «de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport».

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel