Een financiële onderneming die op het tijdstip waarop artikel 112a van de Wet toezicht kredietwezen 1992 in werking trad, in Nederland het bedrijf van elektronischgeldinstelling uitoefende, wordt vanaf het tijdstip van inwerkingtreding van de Wet op het financieel toezicht geacht te beschikken over een vergunning als bedoeld in 2:11, eerste lid, van laatstgenoemde wet.
Hoofdstuk 1 › Afdeling 6 › § 6.1
Artikel 59
Artikel 59
Onderdeel van Invoerings- en aanpassingswet Wet op het financieel toezicht· Bank- en effectenrecht, financiering
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2007