**1.** Een verzekeraar als bedoeld in artikel 3:284, tweede lid, aanhef, van de wet rapporteert alle significante intragroepovereenkomsten en -posities met ondernemingen, bedoeld in artikel 3:284, eerste lid, onderdelen a tot en met d, van de wet met gebruikmaking van blad 2 van het rapportageformulier opgenomen in de bijlage behorende bij deze regeling. De rapportage wordt uiterlijk vier maanden na afloop van het boekjaar bij DNB ingediend.
**2.** Van een significante individuele intragroepovereenkomst is sprake wanneer het bedrag van de hieruit voortvloeiende positie meer bedraagt dan twintig procent van de vereiste solvabiliteitsmarge van de verzekeraar. Van een significante totale positie is sprake indien deze positie meer bedraagt dan twintig procent van de vereiste solvabiliteitsmarge van de verzekeraar.
**3.** Een verzekeraar, die tevens is onderworpen aan het toezicht als bedoeld in artikel 3:298 van de wet, kan in plaats van de in het eerste lid bedoelde rapportage volstaan met de rapportage, bedoeld in paragraaf 7 van deze regeling, aangevuld met een rapportage over significantie intragroepposities met betrekking tot de in artikel 5, derde lid, onder e tot en met g, van deze regeling bedoelde categorieën van intragroepovereenkomsten en -posities, zoals opgenomen in blad 2 van het rapportageformulier.
**4.** Op verzoek van de verzekeraar en na overleg met relevante toezichthoudende instanties kan DNB afwijken van het eerste en tweede lid.
Treedt in werking op tijdstip waarop het Besluit prudentieel toezicht financiële groepen Wft in werking treedt.
§ 3 › Subparagraaf
Artikel 4
Artikel 4
Onderdeel van Regeling prudentieel toezicht financiële groepen Wft· Bank- en effectenrecht, financiering
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2007