Bij de uitvoering van de wettelijke taak kostenverhaal wordt Bodem+ door provincies en gemeenten voorzien van gegevens, die noodzakelijk zijn voor de onderbouwing van een individuele kostenverhaalzaak. De Staat wordt in rechte vertegenwoordigd door de Landsadvocaat. Kostenverhaal vindt plaats op grond van artikel 75 Wet bodembescherming (Wbb). De Staat kan de kosten die zijn gemaakt voor onderzoek en sanering verhalen op de veroorzaker van de bodemverontreiniging op grond van artikel 75 lid 1 (onrechtmatige daad) en artikel 75 lid 6 Wbb (bevat de voorwaarden om kosten te verhalen indien niet aan het relativiteitsvereiste is voldaan). Op grond van artikel 75 lid 3 Wbb (ongerechtvaardigde verrijking) is kostenverhaal mogelijk op degene die door het onderzoek of de sanering ongerechtvaardigd wordt verrijkt.
Het belangrijkste doel van de beleidsregel is om richtlijnen te bieden teneinde te komen tot een zorgvuldige, efficiënte en consistente afhandeling van de werkvoorraad kostenverhaal. De beleidsregel kostenverhaal levert hiervoor het inhoudelijke mandaat. Het beleid inzake kostenverhaal moet worden gekwalificeerd als een beleidsregel in de zin van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). In de beleidsregel kostenverhaal zijn begrenzingen aangebracht die elementen/overwegingen bevatten van juridische, beleidsmatige en beheersmatige/financiële aard. Daarnaast beoogt de beleidsregel op een aantal punten duidelijkheid te geven aan provincies en gemeenten die als bevoegd gezag bodemsanering zijn aangewezen in het Besluit aanwijzing bevoegdgezaggemeenten Wet bodembescherming.4Besluit van 12 december 2000, Stb. 2000, 591; gewijzigd Stb. 2004, 477. Dit besluit van 12 december 2000 wijst de gemeenten aan die voor de toepassing van de Wet bodembescherming worden gelijkgesteld met een provincie. Naast de vier grote steden – Amsterdam, Rotterdam, Den Haag en Utrecht – zijn de volgende gemeenten bevoegd gezag Wbb: Alkmaar, Almelo, Amersfoort, Arnhem, Breda, Deventer, Dordrecht, Eindhoven, Emmen, Enschede, Groningen, Haarlem, Heerlen, Helmond, Hengelo, 's-Hertogenbosch, Leeuwarden, Leiden, Maastricht, Nijmegen, Schiedam, Tilburg, Venlo, Zaanstad en Zwolle. Aan deze overheden is bij Besluit mandaat, volmacht en machtiging artikel 75 lid 7 Wbb5Stcrt. 2005, 159, p. 11., de bevoegdheid verleend om namens de Staat af te zien van kostenverhaal jegens derden in verband met gemaakte financiële afspraken in het kader van bodemsanering. Het bevoegd gezag, dat door middel van toepassing van dit besluit namens de Staat afstand doet van het recht het privaatrechtelijk instrumentarium van de Wbb in te zetten, zal de in de beleidsregel kostenverhaal neergelegde uitgangspunten in acht moeten nemen. Voor het uitoefenen van deze bevoegdheid vormt de beleidsregel derhalve voor het bevoegd gezag eveneens het beleidskader.
Artikel 2
Achtergrond beleidsregel op grond van artikel 75 Wet bodembescherming
Onderdeel van Beleidsregel kostenverhaal, artikel 75 Wet bodembescherming april 2007· Ruimtelijke ordening en milieu
Deze tekst geldt sinds 10 mei 2007