De voorzitter en de leden van de grondkamers alsmede hun plaatsvervangers kunnen worden gewraakt op de wijze en in de gevallen, omschreven in de vierde afdeling van de eerste titel van het eerste boek van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering, met dien verstande, dat het onderzoek van de redenen van wraking en het beslissen over de wraking geschiedt door de grondkamer.
Hoofdstuk 2 › Paragraaf 3
Artikel 35 Uitvoeringswet grondkamers
Onderdeel van Uitvoeringswet grondkamers· Contracten, schade en aansprakelijkheid
Deze tekst geldt sinds 1 september 2007
Bewaren kan ook zonder account
Houd art. 35 bij de hand
Met een gratis account kun je dit artikel bewaren, tekst markeren en jezelf overhoren. Dat werkt op je laptop en op je telefoon.
- Geen reclame
- Je markeringen blijven van jou
- Werkt op je telefoon