Naar hoofdinhoud

Artikel 4

Intrekken Tijdelijk besluit bijdrage burgemeestersreferendum

Onderdeel van Circulaire verhogen pensioengerechtigde leeftijd burgemeesters· Staats- en bestuursrecht

Deze tekst geldt sinds 19 juli 2007

De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties is voornemens om het Tijdelijk besluit bijdrage burgemeestersreferendum van 17 maart 2006 en de bijbehorende regeling van 22 maart 2006 tot vaststelling van enkele bedragen, per 1 januari 2008 in te trekken. Overweging daarvoor is dat nu het kabinet de huidige benoemingswijze van de burgemeester handhaaft, daarmee de achterliggende gedachte dat deze stimuleringsregeling kan worden gezien als opmaat naar een stelsel van de rechtstreeks gekozen burgemeester, is komen te vervallen. Gemeenten die nog in 2007 besluiten om bij de openstelling van een concrete vacature in 2007 een raadplegend burgemeestersreferendum te houden, kunnen nog rekenen op een bijdrage op grond van de regeling, met in achtneming van de volgende overgangsregeling: de aanvraag voor de uitkering met een opgave van het aantal kiesgerechtigden, dient vóór 1 december 2008 ingediend te worden bij het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Het referendum dient dus ook uiterlijk voor die datum plaats te vinden. Het intrekken van deze financiële stimuleringsregeling laat overigens onverlet dat gemeenten ook in de toekomst nog steeds gebruik kunnen maken van de gemeentewettelijke mogelijkheid om een raadplegend burgemeestersreferendum te houden. De bepalingen in de Gemeentewet die een burgemeestersreferendum (artikelen 61, tweede lid en 61e) regelen worden niet geschrapt. Voor die gemeenten is een Handreiking raadplegend burgemeestersreferendum beschikbaar.

Rechtspraak bij dit artikel