**1.** Ingeval de beslissing, houdende de geldelijke sanctie, strekt tot betaling van een geldboete die hoger is dan het wettelijke strafmaximum waarmee het desbetreffende feit naar Nederlands recht is bedreigd, verlaagt de officier van justitie de hoogte van het bedrag tot dat strafmaximum, indien het desbetreffende feit buiten het grondgebied van de uitvaardigende lidstaat is gepleegd en daarover naar Nederlands recht rechtsmacht kon worden uitgeoefend.
**2.** Indien de veroordeelde aannemelijk maakt dat reeds betalingen zijn verricht ter voldoening van de geldelijke sanctie, raadpleegt Onze Minister de bevoegde autoriteit van de uitvaardigende lidstaat hierover.
**3.** Reeds geïnde bedragen worden geheel in mindering gebracht op het verschuldigde bedrag.
**4.** Wordt de hoogte van het verschuldigde bedrag op grond van het eerste of derde lid aangepast, dan stelt de officier van justitie respectievelijk Onze Minister de bevoegde autoriteit van de uitvaardigende lidstaat hiervan onverwijld schriftelijk in kennis.
Hoofdstuk II › Afdeling 1
Artikel 12
(verlaging van het verschuldigde bedrag)
Onderdeel van Wet wederzijdse erkenning en tenuitvoerlegging geldelijke sancties en beslissingen tot confiscatie· Procesrecht
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2020