De officier van justitie kan de erkenning en tenuitvoerlegging van een beslissing, houdende een geldelijke sanctie, weigeren indien:
het feit waarvoor de geldelijke sanctie is opgelegd:
geacht wordt geheel of gedeeltelijk op Nederlands grondgebied of buiten Nederland aan boord van een Nederlands vaartuig of luchtvaartuig te zijn gepleegd; of
buiten het grondgebied van de uitvaardigende lidstaat is gepleegd, terwijl naar Nederlands recht geen vervolging zou kunnen worden ingesteld indien het feit buiten Nederland zou zijn gepleegd;
de hoogte van de geldelijke sanctie 70 euro of minder bedraagt.
Artikel IV, eerste lid, van Stb 2011/232 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Hoofdstuk II › Afdeling 1
Artikel 14
(facultatieve weigeringsgronden)
Onderdeel van Wet wederzijdse erkenning en tenuitvoerlegging geldelijke sancties en beslissingen tot confiscatie· Procesrecht
Deze tekst geldt sinds 1 augustus 2011