**1.** De eed of belofte zal worden afgelegd door:
de voorzitters, de plaatsvervangende voorzitters, de secretarissen en de plaatsvervangende secretarissen van de grondkamers ten overstaan van de president van de rechtbank Oost-Nederland;
de leden en de plaatsvervangende leden van de grondkamers in handen van de voorzitter van de grondkamer in een zitting van de grondkamer;
de griffier en de plaatsvervangende griffiers van de Centrale Grondkamer ten overstaan van de president van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.
**2.** Van het afleggen van de eed of belofte in de genoemde colleges wordt een akte opgemaakt.
Hoofdstuk 2 › Paragraaf 3
Artikel 23
Artikel 23
Onderdeel van Uitvoeringsbesluit pacht· Agrarisch recht
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2013