Ieder lid of plaatsvervangend lid van een grondkamer of van de Centrale Grondkamer, die weet, dat er enige reden van wraking tegen hem bestaat, is gehouden deze aan het college waarin hij zitting heeft op te geven.
Hoofdstuk 2 › Paragraaf 3
Artikel 34
Artikel 34
Onderdeel van Uitvoeringsbesluit pacht· Agrarisch recht
Deze tekst geldt sinds 31 oktober 2007