De verantwoordelijkheid voor de in de paragrafen 2 en 3 bedoelde meldingen en inlichtingen bij ongeoorloofde afwezigheid berust bij de directeur van de inrichting vanwaar de gedetineerde zich heeft onttrokken. In de gevallen waarin de ongeoorloofd afwezige zich met toestemming buiten de inrichting bevond op het moment van zijn onttrekking, bedoeld in artikel 2.2, onder b, c, d, f en g, berust die verantwoordelijkheid bij de directeur van de inrichting waar hij staat ingeschreven.
Hoofdstuk 2 › Paragraaf 1
Artikel 2.3
Verantwoordelijkheid voor de meldingen bij ongeoorloofde afwezigheid
Onderdeel van Regeling melding ongeoorloofde afwezigheid· Strafrecht
Deze tekst geldt sinds 6 februari 2008