Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2 › Paragraaf 4

Artikel 2.9

Meldingen bij einde ongeoorloofde afwezigheid

Onderdeel van Regeling melding ongeoorloofde afwezigheid· Strafrecht

Deze tekst geldt sinds 1 oktober 2015

1. Indien de ongeoorloofd afwezige behorend tot groep A zichzelf meldt, informeert de directeur van de inrichting waar hij zich heeft gemeld, dan wel de directeur van de inrichting waar hij staat ingeschreven, hierover: het Landelijk Meldpunt, onmiddellijk telefonisch; de divisiedirecteur GW/VB of de divisiedirecteur IZ; de directeur stelt daartoe de door de divisiedirecteur aangewezen ambtenaar uiterlijk de eerstvolgende werkdag telefonisch op de hoogte. 2. Indien de ongeoorloofd afwezige behorend tot groep B zichzelf meldt, informeert de directeur van de inrichting waar hij zich heeft gemeld, dan wel de directeur van de inrichting waar hij staat ingeschreven, hierover zo spoedig mogelijk per elektronische post: het CJIB, in geval van ongeoorloofde afwezigheid behorend tot groep B, onder 1°, dan wel de politie, in geval van ongeoorloofde afwezigheid behorend tot groep B, onder 2°; de divisiedirecteur IZ.

Rechtspraak bij dit artikel