Indien het tijdzoneverschil tussen het begin en het einde van een vliegdienstperiode vier uur of meer bedraagt, wordt:
op de thuisbasis de minimumrust, bedoeld in onderdeel 1.1110, onder 1.1, van de verordening, verhoogd met het tijdzoneverschil tussen de thuisbasis en de plaats waar de voorgaande vliegdienstperiode is aangevangen, tot een rust van ten minste 16 uur;
buiten de thuisbasis de minimumrust, bedoeld in onderdeel 1.1110, onder 1.2, van de verordening, verhoogd met vier uur, tot een rust van ten minste 14 uur.
Treedt in werking op het tijdstip waarop het Besluit vluchtuitvoering in werking treedt.
Artikel 3
Rust
Onderdeel van Regeling werk- en rusttijden luchtvaart· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht
Deze tekst geldt sinds 19 juli 2008