Aan de in artikel 4, eerste lid, van de Regeling gebruik van frequentieruimte met meldingsplicht 2015 of aan de in artikel 5 Regeling aanvraag en toelating van vergunningen voor het gebruik van frequentieruimte opgenomen voorwaarde dat de gebruiker dan wel vergunninghouder voor maritiemmobiele communicatie dient te beschikken over een certificaat van bediening is voldaan, indien:
hij beschikt over het basiscertificaat marifonie, voor het gebruik van apparatuur waarbij in bijlage 2, punt 5, van de Regeling gebruik van frequentieruimte met meldingsplicht 2015 de aanduiding ‘X’ is geplaatst in de kolom ‘basiscertificaat’;
hij beschikt over het beperkte certificaat maritieme radiocommunicatie, voor het gebruik van apparatuur waarbij in bijlage 2, punt 5, van de Regeling gebruik van frequentieruimte met meldingsplicht 2015 de aanduiding ‘X’ is geplaatst in de kolom ‘MARCOM B’;
hij beschikt over het algemeen certificaat maritieme radiocommunicatie, voor het gebruik van apparatuur waarbij in bijlage 2, punt 5, van de Regeling gebruik van frequentieruimte met meldingsplicht 2015 de aanduiding ‘X’ is geplaatst in de kolom ‘MARCOM A’, of
hij beschikt over een erkenning als bedoeld in artikel 18, eerste lid, voor het betreffende frequentiegebruik.
Paragraaf 3
Artikel 12
Artikel 12
Onderdeel van Examenregeling frequentiegebruik 2008· Informatierecht
Deze tekst geldt sinds 5 maart 2015