Een hypotheek wordt als zekerheidstelling aanvaard indien:
de waarde van de desbetreffende onroerende zaak voldoende is om als onderpand dienst te kunnen doen;
de onroerende zaak verzekerd is tegen brand en de Staat der Nederlanden in de verzekeringspolis is aangewezen als begunstigde van de uitkering;
de hypotheekgever een zogenoemde hypothecair-belangverzekering heeft afgesloten;
in de akte een huurbeding als bedoeld in artikel 264 van Boek 3 van het Burgerlijk Wetboek is opgenomen;
in de hypotheekakte een beding als bedoeld in artikel 265 van Boek 3 van het Burgerlijk Wetboek is opgenomen;
in de hypotheekakte de bedingen, bedoeld in artikel 267 van Boek 3 van het Burgerlijk Wetboek, zijn opgenomen.
Hoofdstuk 8 › Afdeling 8.1
Artikel 8:1
Artikel 8:1
Onderdeel van Algemene douaneregeling· Belastingrecht
Deze tekst geldt sinds 22 augustus 2025