**1.** De commissie stelt geen onderzoek in naar een in een verzoekschrift aan de orde gestelde aangelegenheid indien haar blijkt dat:
het een verzoekschrift betreft waaromtrent de Kamer reeds een beslissing heeft genomen, tenzij het nieuwe feiten bevat of nieuwe gezichtspunten opent welke een hernieuwd onderzoek rechtvaardigen;
enig met gewone of administratieve rechtspraak belast college over die aangelegenheid een uitspraak heeft gedaan, dan wel indien adressant beroep heeft of had kunnen instellen op een zodanig college, doch dit beroep niet heeft ingesteld;
de Kroon, gehoord de Raad van State, ter zake van die aangelegenheid uitspraak heeft gedaan, tenzij de Kroon contrair is gegaan, dan wel indien adressant beroep heeft of had kunnen instellen op de Kroon, doch dit beroep niet heeft ingesteld;
scheidsmannen ter zake van die aangelegenheid uitspraak hebben gedaan dan wel indien adressant beroep heeft of had kunnen instellen op scheidsmannen en nagelaten heeft dit beroep in te stellen;
omtrent die aangelegenheid reeds een beslissing is genomen door de Tweede Kamer der Staten-Generaal, tenzij nieuwe feiten of nieuwe gezichtspunten een hernieuwd onderzoek rechtvaardigen;
omtrent die aangelegenheid reeds een onderzoek is ingesteld door de Nationale ombudsman, tenzij nieuwe feiten of nieuwe gezichtspunten een hernieuwd onderzoek rechtvaardigen;
het een aangelegenheid betreft van een andere overheid dan de centrale overheid.
**2.** De commissie kan in afwijking van het in het vorige lid bepaalde de Kamer voorstellen om wel te treden in een aangelegenheid indien uitzonderlijke omstandigheden dan wel aan het algemeen belang ontleende overwegingen haar daartoe aanleiding geven.
Voorheen art. 6.
Artikel 5
Artikel 5
Onderdeel van Reglement voor de Commissie voor de Verzoekschriften van de Eerste Kamer der Staten-Generaal· Staats- en bestuursrecht
Deze tekst geldt sinds 13 juni 2023