**1.** Aal, gevangen in de visserijzone, het zeegebied, de kustwateren of de wateren, bedoeld in artikel 1, vierde lid, onderdeel d, van de wet, in de perioden, genoemd in artikel 32a, eerste lid, met een vistuig dat niet genoemd is in artikel 32a, eerste lid, wordt onmiddellijk na het lichten van het vistuig levend in hetzelfde water teruggezet.
**2.** Het is verboden in de perioden, genoemd in artikel 32a, eerste lid, op of nabij het zeegebied, de kustwateren, de visserijzone en de wateren, bedoeld in artikel 1, vierde lid, onderdeel d, van de wet, aal voorhanden te hebben.
Hoofdstuk 3 › § 3.4
Artikel 32b
Artikel 32b
Onderdeel van Uitvoeringsregeling visserij· Agrarisch recht
Deze tekst geldt sinds 26 augustus 2025