Onverminderd artikel 21 kan de recreatieve burgerluchtvaart buiten de reguliere openstellingtijden van de betrokken luchthaven gebruik maken van de luchthaven, indien wordt voldaan aan de volgende voorwaarden:
een hoofdvliegcoördinator is aanwezig;
binnen het plaatselijk verkeersgebied wordt uitsluitend gevlogen overeenkomstig de voor VFR-vluchten geldende bepalingen van uitvoeringsverordening (EU) nr. 923/2012 van de Commissie van 26 september 2012 tot vaststelling van gemeenschappelijke luchtverkeersregels en operationele bepalingen betreffende luchtvaartnavigatiediensten en -procedures en tot wijziging van uitvoeringsverordening (EU) nr. 1035/2011 en verordeningen (EG) nr. 1265/2007, (EG) 1794/2006, (EG) nr. 730/2006, (EG) nr. 1033/2006 en (EU) nr. 255/2010 (PbEU 2012, L281) en het Besluit luchtverkeer 2014;
de terreingedeeltes en verkeerscircuits voor zweefvliegen, sleepvliegen, motorsportvliegen, modelvliegen en zeilvliegen zijn geheel van elkaar gescheiden, waarbij voor motorsportvliegen het circuit voor ultralichte vliegtuigen gescheiden is van de overige motorsportvliegtuigen;
in een verkeerscircuit voor motorsportvliegen bevinden zich maximaal drie vliegtuigen.
Hoofdstuk 4 › § 4.2
Artikel 25
Artikel 25
Onderdeel van Besluit militaire luchthavens· Vervoersrecht
Deze tekst geldt sinds 12 december 2014