**1.** De commandant, onderscheidenlijk de aangewezen opvarende, is bevoegd om boordvuurwapens op een vaartuig te richten indien door de gezagvoerder van dat vaartuig niet terstond aan een vordering als bedoeld in artikel 4 van de Rijkswet Kustwacht voor Aruba, Curaçao en Sint Maarten alsmede voor de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba wordt voldaan.
**2.** De commandant, onderscheidenlijk de aangewezen opvarende, is bevoegd om met behulp van een of meer hem ter beschikking staande vuurwapens schoten voor de boeg af te geven, dan wel gericht te vuren op niet-vitale delen van een vaartuig indien:
door de gezagvoerder van dat vaartuig niet terstond aan een vordering als bedoeld in artikel 4 van de Rijkswet Kustwacht voor Aruba, Curaçao en Sint Maarten alsmede voor de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba wordt voldaan; en
andere middelen om de vordering kracht bij te zetten ontbreken.
**3.** Bij toepassing van het tweede lid:
wordt niet-explosieve munitie gebruikt;
wordt niet geschoten over land of over andere vaartuigen;
worden niet meer schoten afgegeven dan strikt noodzakelijk is.
**4.** Aan het afgeven van schoten, bedoeld in het tweede lid, gaat een duidelijke waarschuwing vooraf, met vermelding van het tijdstip en, voor zover van toepassing, de delen van het vaartuig waarop zal worden geschoten. Deze waarschuwing blijft slechts achterwege, wanneer de omstandigheden de waarschuwing niet toelaten.
**5.** Na iedere waarschuwing wordt de aan boord van het vaartuig aanwezige bemanning een redelijke tijd gegeven zich van de aangewezen delen van het vaartuig te verwijderen.
**6.** De commandant, onderscheidenlijk de aangewezen opvarende, is uitsluitend bevoegd om gericht op vitale delen van het vaartuig of op zijn bemanning te vuren indien van de zijde van een aangeroepen of gepraaide vaartuig geweld wordt gebruikt waardoor de veiligheid van de commandant of de opvarenden onmiddellijk en in ernstige mate wordt bedreigd.
Treedt in werking op het tijdstip waarop de artikel I, eerste lid, van de
Rijkswet wijziging Statuut in verband met de opheffing van de Nederlandse
Antillen in werking treedt.
§ 4
Artikel 13
Artikel 13
Onderdeel van Uitvoeringsbesluit Kustwacht voor Aruba, Curaçao en Sint Maarten alsmede voor de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba· Staats- en bestuursrecht
Deze tekst geldt sinds 10 oktober 2010