**1.** Poststukken die overeenkomstig artikel 7, eerste lid, van het besluit, zijn gedeponeerd of afgegeven voor postvervoer binnen Nederland, worden in elk geval vervoerd binnen de bezorgtermijn, bedoeld in artikel 4a, eerste, tweede, onderscheidenlijk derde lid, van het besluit.
**2.** In afwijking van het eerste lid, kan de verlener van de universele postdienst in de algemene voorwaarden bepalen dat gedurende een aaneengesloten periode van ten hoogste 21 dagen in de maand december de poststukken zijnde losse brieven enkel worden vervoerd binnen de bezorgtermijn, bedoeld in artikel 4a, eerste, tweede, onderscheidenlijk derde lid, van het besluit, indien deze brieven tijdig op een dienstverleningspunt zijn aangeboden en voldoende gefrankeerd zijn.
**3.** De verlener van de universele postdienst maakt jaarlijks voor 1 november de periode, bedoeld in het tweede lid, aan de Autoriteit Consument en Markt bekend.
**4.** De verlener van de universele postdienst kondigt de periode, bedoeld in het tweede lid, op genoegzame wijze aan het publiek aan.
**5.** De verlener van de universele postdienst biedt in de periode, bedoeld in het tweede lid, op de dienstverleningspunten voldoende gelegenheid aan het publiek voor het aanbieden van losse brieven.
Hoofdstuk 2
Artikel 3
Artikel 3
Onderdeel van Postregeling 2009· Ondernemingspraktijk
Deze tekst geldt sinds 1 juli 2026