Aan de voorzitter en andere leden van commissies van de Raad voor cultuur, voor zover niet vallend onder de uitzondering van artikel 2, derde lid, van de Wet vergoedingen adviescolleges en commissies, wordt per vergadering een vergoeding toegekend:
voor leden: 2,4% van het maximum van salarisschaal 18 zoals overeengekomen in de laatstelijk afgesloten collectieve arbeidsovereenkomst voor rijksambtenaren;
voor de voorzitter: 130% van de hoogte van de vergoeding die aan de andere leden van de desbetreffende commissie wordt toegekend.
Artikel 2a
Artikel 2a
Onderdeel van Vergoedingenregeling Raad voor cultuur· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2020