Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk II

Artikel 7

Raming van de verzekerdenaantallen 2009 voor de zorgverzekeraars

Onderdeel van Beleidsregels vereveningsbijdrage zorgverzekering 2009· Gezondheidsrecht en farmaceutisch recht

Deze tekst geldt sinds 1 januari 2009

1. De verzekeraars leveren het persoonskenmerkenbestand 2008 op 1 juli 2008 bij het CVZ aan. De peildatum van deze opgaven is de datum van nominale premieprolongatie voor de maand juni 2008. 2. Het college baseert zich bij de raming van de verzekerdenaantallen naar risicoklasse leeftijd en geslacht 2009, naar regioklasse 2009, naar GGZ-regioklasse 2009 en naar de verzekerden aantallen van 18 jaar en ouder 2009, op het in het eerste lid genoemde persoonskenmerkenbestand 2008. 3. Voor de vaststelling van de aard van het inkomenklasse baseert het college zich op de gepseudonimiseerde opgave van het UWV en de Belastingdienst naar inkomensbron op peildatum 27 januari 2008. 4. Voor de vaststelling van de sociaal economische status klasse baseert het college zich op de gepseudonimiseerde opgave van de Belastingdienst over het jaar 2006. Wanneer voor 2006 geen gegevens beschikbaar zijn baseert het CVZ zich op gegevens over het jaar 2005. 5. Het college bepaalt voor elke verzekerde uit het persoonskenmerkenbestand 2008 in welke klasse een verzekerde valt voor de criteria leeftijd, geslacht, aard van het inkomen, regio, GGZ-regio, éénpersoonsadres en sociaal economische status. Het college stelt voor de toepasselijke klasse waarin de verzekerde valt de zwaarte op 1. 6. Het college bepaalt per verzekerde de zwaarte per FKG 2009 verder als volgt: Uitgangspunt is de opgave per 1 juni 2008 van alle declaraties farmaceutische hulp 2007 van de zorgverzekeraar aan het college. Het college bepaalt door een koppeling op basis van het gepseudonimiseerde burgerservicenummer tussen de opgave onder a en het persoonskenmerkenbestand 2008 per verzekerde in welke FKG klasse de verzekerde valt. De verzekerde krijgt een zwaarte van 1 voor de betreffende klasse. Vervolgens past het college per verzekerde per FKG 2009 een ophoogfactor toe voor de geraamde prevalentieontwikkeling, zoals weergegeven in bijlage 1 van deze beleidsregels. De zwaarte zoals bepaald onder b, vermenigvuldigd met de prevalentieontwikkeling, geeft de uiteindelijke zwaarte voor de verzekerde voor de betreffende klasse. 7. Het college bepaalt per verzekerde de zwaarte per DKG 2009 verder als volgt: Uitgangspunt is de opgave van de zorgverzekeraar aan het college per 1 juni 2008 van de declaraties van alle DBC’s die in 2006 geopend zijn. Het college bepaalt door een koppeling op basis van het gepseudonimiseerde burgerservicenummer tussen de opgave onder a en het persoonskenmerkenbestand 2008 per verzekerde in welke DKG 1 t/m 13 2009 de verzekerde valt. De verzekerde krijgt een gewicht afhankelijk van leeftijd en geslacht voor de betreffende klasse. Als een verzekerde niet in een DKG 1 t/m 13 2009 valt, deelt het college deze verzekerde per zorgverzekeraar in bij DKG 0. Deze verzekerde krijgt een gewicht afhankelijk van leeftijd en geslacht voor deze klasse. 8. Vervolgens past het college per risicoklasse naar leeftijd en geslacht, FKG klasse, DKG klasse, aard van het inkomenklasse, regioklasse, GGZ-regioklasse, eenpersoonsadres klasse en sociaal economische status klasse een ophoogfactor toe, zodanig dat opschaling plaatsvindt naar de macro verzekerdenraming voor 2009. 9. Tenslotte bepaalt het college per zorgverzekeraar het geraamde aantal verzekerden 2009 per zorgverzekeraar door per risicoklasse naar leeftijd en geslacht, FKG klasse, DKG klasse, aard van het inkomenklasse, regioklasse, GGZ regioklasse, eenpersoonsadres klasse en sociaal economische status klasse de zwaarten zoals bepaald in het achtste lid per risicoklasse bij elkaar op te tellen. 10. Het college bepaalt per zorgverzekeraar het geraamde aantal verzekerden met FKG Psychische aandoeningen voor het deelbedrag geneeskundige geestelijke gezondheidszorg overeenkomstig de berekening van de FKG psychische aandoeningen 2009 uit het zesde lid. Het aantal verzekerden 2009 per zorgverzekeraar voor het deelbedrag geneeskundige geestelijke gezondheidszorg met een FKG 0 bepaalt het college door het geraamde totaal aantal verzekerden 2009 per zorgverzekeraar te verminderen met het aantal verzekerden 2009 met een FKG Psychische aandoeningen. 11. Het college bepaalt per zorgverzekeraar het geraamde aantal verzekerden voor de normatieve eigen risico opbrengst als volgt: Het college bepaalt per zorgverzekeraar op basis van het persoonskenmerkenbestand 2008, artikel 2 en artikel 5 het geraamde aantal verzekerden van 18 jaar en ouder 2009 met een FKG 1 t/m 20 2009. Het college bepaalt het aantal verzekerden per zorgverzekeraar van 18 jaar en ouder zonder een FKG 1 t/m 20 2009. Per verzekerde bepaalt het college op basis van het zesde en het negende lid welke zwaarte deze verzekerde heeft voor de risicoklasse naar leeftijd en geslacht, aard van inkomenklasse en regioklasse. Vervolgens bepaalt het college per zorgverzekeraar het totaal aantal geraamde verzekerden 2009 per risicoklasse naar leeftijd en geslacht, aard van het inkomenklasse en regioklasse door de zwaarten per risicoklasse naar leeftijd en geslacht, inkomensklasse en regioklasse bij elkaar op te tellen. De datum van inwerkingtreding ligt voor de datum van uitgifte.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel