Naar hoofdinhoud

Artikel 7

Financiering, begroting en verantwoording

Onderdeel van Instellingsbesluit Rathenau Instituut· Onderwijsrecht

Deze tekst geldt sinds 24 juli 2009

1. De KNAW stelt onverwijld het in de rijksbijdrage, bedoeld in artikel 2.6a van de WHW, ten behoeve van het instituut genoemde bedrag ter beschikking aan het instituut. 2. Het bestuur van het instituut stelt de instituutsbegroting vast. Het besluit tot vaststelling behoeft de instemming van het algemeen bestuur van de KNAW die deze gemotiveerd kan weigeren. De KNAW draagt er zorg voor dat de begroting van het instituut, na verleende instemming, onderdeel uitmaakt van de eigen begroting, bedoeld in artikel 2.8 WHW. 3. Het bestuur van het instituut stelt het financieel verslag van het instituut vast. Het besluit tot vaststelling behoeft de instemming van het algemeen bestuur van de KNAW die deze instemming gemotiveerd kan weigeren. De KNAW draagt er zorg voor dat het financieel verslag van het instituut, na verleende instemming, onderdeel uitmaakt van de eigen verslaglegging, bedoeld in artikel 2.9 WHW. 4. Tenminste éénmaal per jaar voert het bestuur van het instituut overleg met de minister inzake de Rijksbijdrage aan het instituut alsmede over de voorbereiding en uitvoering van het werkprogramma.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel