**1.** De decentralisatie-uitkering wordt verstrekt voor het stimuleren van cultuurparticipatie van alle burgers opdat iedere Nederlander, te beginnen bij jongeren, actief in aanraking komt met een cultuurdiscipline. De missie wordt ondersteund door de volgende doelstellingen:
Meer mensen doen mee, georganiseerd en ongeorganiseerd;
Er komt betere ondersteuning (begeleiding, scholing, presentatiemogelijkheden, samenwerking met professionals).
**2.** De activiteiten in het kader van de decentralisatie-uitkering zijn dienstig aan de culturele loopbaan. De decentralisatie- uitkering wordt verstrekt met het oog op het bereiken van (nieuwe) doelgroepen, het continu blijven ontwikkelen van en vernieuwing aanbrengen in activiteiten, alsmede het verankeren van succesvolle activiteiten in structureel beleid waarvoor geen decentralisatie-uitkering meer nodig is.
**3.** De decentralisatie-uitkering is bedoeld voor het (laten) uitvoeren van beleid van de deelnemer, welk beleid in substantiële mate overeenstemt met het beleid van het fonds.
**4.** De decentralisatie-uitkering wordt derhalve verleend voor het (laten) uitvoeren van beleid van de deelnemer dat in ieder geval betrekking heeft op de programmalijnen en binnen deze gebieden gericht is op het bevorderen van de thema’s.
Artikel 2
Doel
Onderdeel van Regeling cultuurparticipatie provincies en gemeenten 2009–2012· Cultureel recht
Deze tekst geldt sinds 21 september 2008