Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3 › § 13

Artikel 34a

Artikel 34a

Onderdeel van Regeling veilig gebruik luchthavens en andere terreinen· Vervoersrecht

Deze tekst geldt sinds 21 oktober 2017

1. De gezagvoerder van een luchtvaartuig dat op een terrein een nood- of voorzorgslanding heeft gemaakt, meldt dit onverwijld aan de Minister. 2. Het is verboden om met een luchtvaartuig op te stijgen vanaf een terrein als bedoeld in artikel 19, eerste lid, onderdeel d, zonder voorafgaande toestemming van de Minister. 3. Handelen in strijd met dit artikel is een strafbaar feit. Treedt in werking op het tijdstip waarop de onderdelen A, H en I van artikel I van Besluit van 16 maart 2016 tot wijziging van het Besluit burgerluchthavens en de Regeling Toezicht Luchtvaart in verband met aanvullende bepalingen voor de ruimtelijke indeling van beperkingengebieden in luchthavenbesluiten en ten aanzien van de aanwijzing van luchtvaartuigen die mogen opstijgen of landen van een terrein niet zijnde een luchthaven en enkele overige wijzigingen (Stb. 2016/120) in werking treden.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel