**1.** Het college herberekent het normatieve bedrag 2010 voor de tweede keer voorlopig als de som van het tweede voorlopige deelbedrag B-dbc’s 2010, het tweede voorlopige deelbedrag variabele kosten van ziekenhuisverpleging en kosten van specialistische hulp 2010, het tweede voorlopige deelbedrag vaste kosten van ziekenhuisverpleging 2010, het tweede voorlopige deelbedrag geneeskundige geestelijke gezondheidszorg 2010 en het tweede voorlopige deelbedrag kosten van overige prestaties 2010.
**2.** Voor de toepassing van artikel 3.21 van de Regeling zorgverzekering berekent het college:
de som van het bedrag bepaald in artikel 26, veertiende lid en het bedrag bepaald in artikel 27, vijftiende lid;
indien het in onderdeel a bepaalde bedrag groter is dan het aantal verzekerden van 18 jaar en ouder 2010 maal EUR 22,50, dan trekt het college 90 procent van het meerdere af van het normatieve bedrag 2010 uit het eerste lid;
indien het in onderdeel a bepaalde bedrag kleiner is dan het aantal verzekerden van 18 jaar en ouder 2010 maal EUR -22,50, dan voegt het college 90 procent van het verschil toe aan het normatieve bedrag 2010 uit het eerste lid.
**3.** Voor de toepassing van artikel 3.21 van de Regeling zorgverzekering gebruikt het college:
de uitkomst van artikel 29, vierentwintigste lid;
indien het in onderdeel a bepaalde bedrag groter is dan het aantal verzekerden van 18 jaar en ouder 2010 maal EUR 7,50, dan trekt het college 100 procent van het meerdere af van het normatieve bedrag 2010 uit het eerste lid;
indien het in onderdeel a bepaalde bedrag kleiner is dan het aantal verzekerden van 18 jaar en ouder 2010 maal EUR -7,50, dan voegt het college 100 procent van het verschil toe aan het normatieve bedrag 2010 uit het eerste lid.
**4.** Het college bepaalt de tweede voorlopige opbrengst van de nominale rekenpremie per zorgverzekeraar door de verzekerden van 18 jaar en ouder 2010 per zorgverzekeraar te vermenigvuldigen met de nominale rekenpremie 2010.
**5.** Het college vermindert het resultaat van het vierde lid met het bedrag dat de zorgverzekeraar verantwoordt in zijn jaarverslag als gederfde inkomsten voor verzekerden van 18 jaar en ouder waarvoor als gevolg van de toepasselijkheid van artikel 24 Zorgverzekeringswet geen nominale premies worden ontvangen.
**6.** Het college berekent de tweede voorlopige aanvulling op de bijdrage voor de uitkering in verband met uitvoeringskosten van verzekerden jonger dan 18 jaar door het aantal verzekerden jonger dan 18 jaar 2010 te vermenigvuldigen met EUR 50.
**7.** Het college berekent de bijdrage 2010 voor de tweede keer voorlopig door de som van het tweede voorlopige normatieve bedrag 2010 bedoeld in het eerste lid, met toepassing van het tweede lid en de aanvulling voor uitvoeringskosten van verzekerden jonger dan 18 jaar bedoeld in het vijfde lid, te verminderen met de tweede voorlopige normatieve eigen risico opbrengst bedoeld in artikel 31, en de opbrengst van de nominale rekenpremie, bedoeld in het vierde lid.
**8.** Het college stelt de voorlopige bijdrage 2010 voor de tweede keer voorlopig vast in september 2013 ter hoogte van de in het vorige lid berekende bijdrage. De bepaling van de verzekerdenaantallen is definitief.
Hoofdstuk IV
Artikel 32
De tweede voorlopige herberekening van het normatieve bedrag 2010 en de tweede voorlopige herberekening en de vaststelling van de bijdrage 2010
Onderdeel van Beleidsregels vereveningsbijdrage zorgverzekering 2010· Gezondheidsrecht en farmaceutisch recht
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2010