Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk VII

Artikel 43

Artikel 43

Onderdeel van Beleidsregels vereveningsbijdrage zorgverzekering 2010· Gezondheidsrecht en farmaceutisch recht

Deze tekst geldt sinds 1 januari 2010

1. Bij gelegenheid van de voorlopige vaststelling van de bijdrage, bedoeld in artikel 24, achtste lid, stelt het college ook het volgende vast: De hoogte van het bedrag van de door de zorgverzekeraar ingevorderde boetes op grond van artikel 96 Zorgverzekeringswet; Het vergoedingsbedrag waar de zorgverzekeraar voor de door hem zelf ingevorderde boetes op grond van artikel 96, zesde lid, Zorgverzekeringswet recht op heeft; Het deel van het bedrag bedoeld onder a dat de zorgverzekeraar aan het Zorgverzekeringsfonds moet afdragen; Het deel van het bedrag van de door het college zelf op grond van artikel 96 Zorgverzekeringswet ingevorderde boetes waar de zorgverzekeraar als vergoeding recht op heeft. 2. Het college verrekent de som van de onderdelen c en d uit het eerste lid zo mogelijk met de op grond van artikel 24, achtste lid, voorlopig vastgestelde bijdrage. 3. Indien verrekening, als bedoeld in het tweede lid, niet mogelijk blijkt, vordert het college het door de zorgverzekeraar af te dragen bedrag bij de zorgverzekeraar in, dan wel betaalt het college het door de zorgverzekeraar te ontvangen bedrag, aan de zorgverzekeraar na.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel