Voor subsidieverstrekking op grond van de artikelen 3.39 en 3.40 zijn jaarlijks ten hoogste de volgende bedragen beschikbaar:
voor een instelling als bedoeld in artikel 3.39, eerste lid: € 3.530.600;
voor een instelling als bedoeld in artikel 3.39, tweede lid: € 1.110.300;
voor een instelling als bedoeld in artikel 3.39, derde lid: € 528.900;
voor een instelling als bedoeld in artikel 3.39, vierde lid: € 625.200; en
voor een instelling als bedoeld in artikel 3.40: € 654.600.
Artikel III van Stcrt. 2023/32605 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.