Voor subsidieverstrekking op grond van de artikelen 3.49 tot en met 3.54 zijn jaarlijks ten hoogste de volgende bedragen beschikbaar:
voor een instelling als bedoeld in artikel 3.49: € 6.083.800;
voor een instelling als bedoeld in artikel 3.50: € 1.173.100;
voor een instelling als bedoeld in artikel 3.51: € 3.694.700;
voor een instelling als bedoeld in artikel 3.52: € 1.770.400;
voor een instelling als bedoeld in artikel 3.53: € 2.008.900; en
voor een instelling als bedoeld in artikel 3.54: € 1.279.000.
Artikel III van Stcrt. 2023/32605 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.