**1.** De eindwaardering van de basisvakken en de maatwerkvakken wordt uitgedrukt op een van de volgende wijzen:
in een geheel cijfer uit de reeks 1 tot en met 10. Indien de uitkomst van de berekening niet een geheel getal is, wordt dat getal indien het eerste cijfer achter de komma een 4 of lager is, naar beneden afgerond en indien dat cijfer een 5 of hoger is, naar boven afgerond; of
met een waardering uit een reeks:
die in ieder geval de waarderingen «onvoldoende», «voldoende» en «goed» bevat; en
waarin tevens uitsluitend de waarderingen «zeer slecht», «slecht», «ruim onvoldoende», «bijna voldoende», «ruim voldoende», «zeer goed» en «uitmuntend» kunnen worden opgenomen.
**2.** In afwijking van het eerste lid wordt de eindwaardering van:
de basisvakken «op weg naar Engels ERK-niveau A1» en «op weg naar mbo-rekenniveau 2» uitgedrukt in «voldaan» of «niet voldaan»; en
de vakken «Nederlands als tweede taal ERK-niveau B1» en «Nederlands als tweede taal ERK-niveau B2» uitgedrukt overeenkomstig het door het College voor toetsen en examens op grond van artikel 14 van het Staatsexamenbesluit Nederlands als tweede taal vastgestelde resultaat.
**3.** De eindwaardering van het examenonderdeel kennis van de Nederlandse maatschappij wordt uitgedrukt overeenkomstig de op grond van artikel 3.5, vierde lid, van het Besluit inburgering 2021 vastgestelde wijze van beoordeling.
**4.** De eindwaardering voor de examenonderdelen leervaardigheden en vaardigheden voor opleidings- en beroepskeuze worden uitgedrukt in «voldaan» of «niet voldaan».
Treedt in werking op het tijdstip waarop artikel 45, onderdeel E,
van de Wet inburgering 2021 in werking treedt.
Hoofdstuk IIIA › Paragraaf 3
Artikel 17k
Eindwaardering
Onderdeel van Examen- en kwalificatiebesluit WEB· Onderwijsrecht
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2022