Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 6 › § 4

Artikel 18.4.7e

Artikel 18.4.7e

Onderdeel van Invoeringswet openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba· Staats- en bestuursrecht

Deze tekst geldt sinds 1 augustus 2018

1. De ambtenaren van de Inspectie gezondheidszorg en jeugd zijn belast: met het toezicht op de naleving van artikel 18.4.7b, artikel 18.4.7c, artikel 18.4.7d en de krachtens artikel 18.4.7i gestelde regels; met het verrichten van onderzoeken naar de kwaliteit in algemene zin van de jeugdzorg en van de aanbieders van jeugdzorg alsmede, waar nodig, het aangeven en bevorderen van middelen ter verbetering daarvan; met het toezicht op de uitvoering door de voogdijraad van de in het Burgerlijk Wetboek BES aan de voogdijraad opgedragen taken, en met het verrichten van onderzoeken naar de kwaliteit in algemene zin van de (gezins)voogdij, de (gezins)voogdij-instellingen en de voogdijraad, alsmede waar nodig, het aangeven en bevorderen van middelen ter verbetering daarvan. 2. De ambtenaren van de Inspectie gezondheidszorg en jeugd houden, in afwijking van het eerste lid, geen toezicht op de naleving van de taak, genoemd in artikel 1:240, tweede lid, van het Burgerlijk Wetboek BES. 3. De ambtenaren, genoemd in het eerste lid, nemen bij de vervulling van hun taak de instructies van Onze Ministers in acht. 4. De Inspectie gezondheidszorg en jeugd verricht haar taak uit eigen beweging of op verzoek van een van Onze Ministers.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel