Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 10

Artikel 10

Onderdeel van Rijksbesluit financiering Gemeenschappelijk Hof van Justitie· Strafrecht

Deze tekst geldt sinds 10 oktober 2010

1. De bijdrage voor gerechtskosten per land wordt bepaald door de gemiddelde gerechtskosten per zaakscluster te vermenigvuldigen met het aantal in de begroting van Onze Ministers opgenomen aantal zaken, onderverdeeld naar zaakscluster. 2. Onder gerechtskosten per zaak wordt verstaan: de gerealiseerde kosten in zaaksclusters in het aan het begrotingsjaar voorafgaande jaar gedeeld door het aantal afgehandelde straf, civiele en bestuursrechtelijke zaken in dat jaar. 3. Indien het in het eerste lid bedoelde bedrag niet toereikend is, stellen Onze Ministers aanvullende financiële middelen ter beschikking aan het Hof teneinde de met de gerechtskosten gemoeide uitgaven van de gerechten te bekostigen. Hierover worden door Onze Ministers met het Hof door tussenkomst van de Beheerraad, nadere afspraken gemaakt. Treedt in werking op het tijdstip waarop artikel 66 van de Rijkswet Gemeenschappelijk Hof van Justitie in werking treedt. Treedt in werking om 00:00 uur in Aruba, Curaçao, Sint Maarten, Bonaire, Sint Eustatius en Saba en om 06.00 uur in het Europese deel van het Koninkrijk.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel