Naar hoofdinhoud

§ IV

Artikel 30

Artikel 30

Onderdeel van Wet tot regeling van het toezicht op psychiatrische patiënten BES· Gezondheidsrecht en farmaceutisch recht

Deze tekst geldt sinds 1 januari 2024

Bevindt de Procureur-generaal, dat een verpleegde in een psychiatrisch ziekenhuis op onwettige wijze is opgenomen of gehouden, zoo beveelt hij diens onmiddellijk ontslag, tenzij dit niet zonder gevaar voor stoornis van de openbare orde of voor ongelukken kan geschieden. Zoo het bestaan van dat gevaar blijkt uit eene met redenen omkleede verklaring van den geneeskundige van ziekenhuis, of, indien er meer zijn, van den eersten geneeskundige, requireert de Procureur-generaal in de hiervoren omschreven vormen de machtiging van het Gemeenschappelijk Hof tot verder verblijf van de psychiatrische patiënt in een psychiatrisch ziekenhuis. Treft de Procureur-generaal in een psychiatrisch ziekenhuis een verpleegde aan, die, ofschoon daarin op grond van een rechterlijke machtiging verblijvende, naar zijn oordeel niet meer lijdt aan een psychiatrische aandoening, dan kan hij diens ontslag alleen bevelen zoo de geneeskundige, of, zoo er meer zijn, de eerste geneeskundige van ziekenhuis daarmede instemt. Bij gemis van die instemming vraagt de Procureur-generaal de beslissing van het Gemeenschappelijk Hof, dat vooraf den geneeskundige, of, zoo er meer zijn, den eersten geneeskundige van ziekenhuis hoort en een nader onderzoek kan bevelen; het tweede lid en de volgende zinsneden van Artikel 23 zijn daarbij van toepassing.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel