**1.** Onverminderd de overige vereisten voor het verkrijgen van een tewerkstellingsvergunning, wordt deze voor het verrichten van arbeid door inwonend huishoudelijk personeel slechts verleend, indien de arbeid wordt verricht ten behoeve van:
een echtpaar met minderjarige kinderen, waarvan beide echtelieden werkzaam zijn;
een alleenstaande met inwonende minderjarige kinderen;
een echtpaar waarvan een der echtelieden door ziekte of ouderdom hulpbehoevend is;
een alleenstaande die bejaard of anderszins hulpbehoevend is;
een echtpaar, waarvan een of beide echtelieden wegens diens positie in een bedrijf of in de gemeenschap regelmatig uithuizig is.
**2.** Ten bewijze van het gestelde in het eerste lid, aanhef en onderdelen c en d, wordt een doktersverklaring overgelegd.
**3.** Het eerste lid, aanhef en onderdelen a, c en e, en het tweede lid zijn van overeenkomstige toepassing op niet-huwelijkspartners die duurzaam samenleven.
Treedt in werking op het tijdstip waarop artikel I, tweede lid, van de
Rijkswet wijziging Statuut in verband met de opheffing van de Nederlandse
Antillen in werking treedt.
§ 2
Artikel 6
Artikel 6
Onderdeel van Besluit uitvoering Wet arbeid vreemdelingen BES· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht
Deze tekst geldt sinds 10 oktober 2010