Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 3.8

Bepaling waarde voorzieningen op de werkplek (lager dan waarde in het economische verkeer of factuurwaarde)

Onderdeel van Uitvoeringsregeling loonbelasting 2011· Belastingrecht

Deze tekst geldt sinds 1 januari 2026

De waarde van de volgende voorzieningen die op de werkplek gebruikt of verbruikt worden, wordt gesteld op de daarbij vermelde bedragen: maaltijden: de waarde wordt gesteld op € 4,05; huisvesting en inwoning, anders dan de ter behoorlijke vervulling van de dienstbetrekking ter beschikking gestelde woning, met inbegrip van – indien mede verstrekt – het genot van energie, water en bewassing: de waarde wordt gesteld € 7,00 per dag; door de inhoudingsplichtige verrichte kinderopvang waarvoor aanspraak op een kinderopvangtoeslag onderscheidenlijk aanspraak op een tegemoetkoming kan ontstaan op de voet van artikel 1.5 van de Wet kinderopvang: de waarde wordt gesteld op het aantal uren genoten kinderopvang maal de uurprijs vastgesteld krachtens artikel 1.7, tweede lid, van de Wet kinderopvang.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel