**1.** Overtreding van het in de artikelen 2, derde lid, 4, tweede lid, 10, tweede lid, of krachtens artikel 3, onderdelen a en b, gestelde verbod, is, voor zover opzettelijk begaan, een misdrijf en wordt gestraft met, hetzij gevangenisstraf van ten hoogste twee jaren en geldboete van de vijfde categorie, hetzij met één van beide straffen.
**2.** Overtreding van het in de artikelen 2, derde lid, 4, tweede lid, 10, tweede lid, of krachtens artikel 3, onderdelen a en b, gestelde verbod, is, voor zover niet opzettelijk begaan, een overtreding en wordt gestraft met, hetzij hechtenis van ten hoogste zes maanden en geldboete van de vijfde categorie, hetzij met één van beide straffen.
**3.** Handelen in strijd met de bij de bij of krachtens de artikelen 3, onderdelen c, d, en e, 5, eerste, derde en vierde lid, 8 tweede lid, 10, derde en vierde lid, 11, derde lid, 12, tweede lid, 13, derde lid, of 14, vijfde lid, gestelde voorschriften, of krachtens artikel 30 gegeven aanwijzingen, is een overtreding en wordt gestraft met hechtenis van ten hoogste zes maanden of geldboete van de vijfde categorie.
Treedt in werking om 00.00 uur in Bonaire, Sint Eustatius en Saba en om 06.00 uur in het Europese deel van het Koninkrijk.
Hoofdstuk 13
Artikel 31
Artikel 31
Onderdeel van Wet overeenkomsten langs elektronische weg BES· Contracten, schade en aansprakelijkheid
Deze tekst geldt sinds 10 oktober 2010