Naar hoofdinhoud

boek Tweede › titel Vierde › § 2

Artikel 546

Artikel 546

Onderdeel van Wetboek van Koophandel BES· Ondernemingspraktijk

Deze tekst geldt sinds 10 oktober 2010

1. De zeewerkgever is verplicht om bij het einde van de dienst aan boord aan de schepeling een schriftelijke afrekening ter hand te stellen. Indien geschil ontstaat over de afrekening, is de meest gerede partij bevoegd zich te wenden tot de rechter in eerste aanleg, binnen wiens rechtsgebied het schip is aangekomen of de monsterrol is opgemaakt, met het verzoek de afrekening te onderzoeken en vast te stellen. 2. Eindigt de dienst buiten de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba, dan mag ieder van de partijen, ter verkrijging van een voorlopige beslissing, zich wenden in het Europese deel van Nederland, Aruba, Curaçao of Sint Maarten tot het bevoegde gezag, en buiten het Koninkrijk, tot de Nederlandse diplomatieke of bezoldigde consulaire ambtenaar, die hij het eerst heeft bereikt. Treedt in werking om 00.00 uur in Bonaire, Sint Eustatius en Saba en om 06.00 uur in het Europese deel van het Koninkrijk.

Rechtspraak bij dit artikel