Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk III

Artikel 38

Artikel 38

Onderdeel van Wet merken BES· Intellectuele eigendom

Deze tekst geldt sinds 10 oktober 2010

1. Onverminderd het bij artikel 25 bepaalde, kan iedere belanghebbende, met inbegrip van het Openbaar Ministerie, het verval inroepen van het recht op een collectief merk, indien de houder het merk gebruikt in strijd met de bepaling van artikel 30, tweede lid, of instemt met een gebruik in strijd met de bepalingen van het reglement op het gebruik en het toezicht, dan wel zodanig gebruik gedoogt. 2. Het Openbaar Ministerie kan de nietigheid inroepen van het depot van een collectief merk wanneer het reglement op het gebruik en het toezicht in strijd is met de openbare orde, of wanneer het niet in overeenstemming is met de bepalingen van artikel 33. Het Openbaar Ministerie kan eveneens de nietigheid inroepen van de wijzigingen van het reglement op het gebruik en het toezicht, indien deze in strijd zijn met de openbare orde of met de bepalingen van artikel 30 of indien deze tot verzwakking van de door het reglement aan het publiek gegeven waarborgen leiden. Treedt in werking om 00.00 uur in Bonaire, Sint Eustatius en Saba en om 06.00 uur in het Europese deel van het Koninkrijk.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel