Naar hoofdinhoud

Artikel 6

Artikel 6

Onderdeel van Besluit bevoegdheid uitoefening van de tandheelkunst BES· Staats- en bestuursrecht

Deze tekst geldt sinds 10 oktober 2010

Het is aan een tandarts, als bedoeld in artikel 1, verboden de praktijk als zodanig uit te oefenen, alvorens: zijn akte van bevoegdheid voor gezien is getekend door een door Onze Minister aangewezen ambtenaar; in handen van den betrokken Gezaghebber dan volgenden eed (belofte) te hebben afgelegd: «Ik zweer (beloof), dat ik de tandheelkunst volgens de daarop wettelijk vastgestelde bepalingen naar mijn beste weten en vermogen zal uitoefenen en dat ik aan niemand zal openbaren wat in die uitoefening als geheim mij is toevertrouwd of te mijner kennis is gebracht, tenzij mijne verklaring als getuige of deskundige door den rechter gevorderd, of ik anderszins tot het geven van mededeeling door de wet verplicht worde. «Zoo waarlijk helpe mij God Almachtig! (Dat beloof ik)» Treedt in werking om 00.00 uur in Bonaire, Sint Eustatius en Saba en om 06.00 uur in het Europese deel van het Koninkrijk.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel