Het begraven van lijken van personen overleden in inrichtingen, die hetzij geheel of gedeeltelijk onder beheer van het openbaar gezag staan, geschiedt door de zorg van het bestuur dier inrichtingen, met inachtneming van de voorschriften daaromtrent bij eilandsbesluit, houdende algemene maatregelen, te geven.
De kosten dier begrafenissen kunnen, wanneer het sterfgeval plaats had in een inrichting tot ziekenverpleging, worden verhaald op dengene, die voor de verpleegkosten van den lijder aansprakelijk is.
Slechts wanneer ter goede rekening eene daartoe voldoende som is gestort, kan de begrafenis anders geschieden dan op de wijze voor onvermogenden gebruikelijk. In elk geval blijft de beslissing omtrent de wijze van begraving, wanneer die vanwege de inrichting geschiedt, aan het bestuur der inrichting.
Tenzij wegens overlijden aan eene besmettelijke ziekte of andere redenen hiertegen met het oog op de openbare gezondheid bezwaar bestaat, worden zoodanige lijken aan aanverwanten ter begraving afgegeven, wanneer aanvraag daartoe binnen drie uren na het overlijden bij het bestuur der inrichting is ingekomen en naar het oordeel van dat bestuur een behoorlijke begrafenis door den aanvrager voldoende gewaarborgd is.
Geschiedt de aanvraag later, dan kan de afgifte nog geschieden, wanneer daartegen bij het bestuur der inrichting geen bezwaar bestaat.
Treedt in werking om 00.00 uur in Bonaire, Sint Eustatius en Saba en om 06.00 uur in het Europese deel van het Koninkrijk.
Artikel 13
Artikel 13
Onderdeel van Begrafeniswet BES· Gezondheidsrecht en farmaceutisch recht
Deze tekst geldt sinds 10 oktober 2010