Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3 › § 4

Artikel 27

Artikel 27

Onderdeel van Wet administratieve rechtspraak BES· Procesrecht

Deze tekst geldt sinds 10 oktober 2010

1. Op grond van bijzondere omstandigheden kan het Gerecht de indiener van het beroepschrift toestaan om binnen een door het Gerecht te bepalen termijn een conclusie van repliek in te dienen. In dat geval wordt het bestuursorgaan toegestaan een conclusie van dupliek in te dienen, nadat het kennis heeft kunnen nemen van de conclusie van repliek. Het Gerecht stelt daarvoor eenzelfde termijn als is gesteld aan de indiening van de conclusie van repliek. 2. Het Gerecht kan de termijn, bedoeld in het eerste lid, op verzoek van de betreffende partij verlengen of verkorten. 3. De conclusies van repliek en dupliek, bedoeld in het eerste lid, worden door de griffier onverwijld toegezonden aan de andere partijen. Aan dezen wordt toegestaan een aanvullende schriftuur in te dienen binnen eenzelfde termijn als gegund is aan de indiener en het bestuursorgaan. 4. Partijen kunnen tot zeven dagen voor de zitting, bedoeld in artikel 33, nadere stukken indienen. Op deze bevoegdheid wordt gewezen in de oproeping voor de zitting. Treedt in werking om 00.00 uur in Bonaire, Sint Eustatius en Saba en om 06.00 uur in het Europese deel van het Koninkrijk.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel