Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk IV

Artikel 20

Artikel 20

Onderdeel van Wet op het notarisambt BES· Ondernemingspraktijk

Deze tekst geldt sinds 10 oktober 2010

1. In de beschikking van de President van het Hof van Justitie tot aanwijzing als waarnemer wordt de datum waarop de waarneming dient in te gaan, uitdrukkelijk vermeld. 2. Hij die voor de eerste maal met een waarneming wordt belast, legt uiterlijk op de dag vóór de in het eerste lid bedoelde datum voor de rechter in eerste aanleg van de standplaats van de notaris wiens ambt hij zal waarnemen, naar de wijze van zijn godsdienstige gezindheid, de navolgende eed of belofte af: «Ik zweer (beloof) getrouwheid aan de Koning, gehoorzaamheid aan de wettelijke regelingen en eerbied voor de rechterlijke autoriteiten; dat ik het notarisambt met eerlijkheid, nauwgezetheid en onpartijdigheid zal waarnemen; en dat ik de wettelijk voorgeschreven geheimhouding in acht zal nemen». 3. Het tweede lid is niet van toepassing op notarissen. 4. De rechter in eerste aanleg is bevoegd in bijzondere gevallen verlenging van de tot het afleggen van de eed bepaalde termijn te verlenen. 5. Bij verzuim van tijdige aflegging van de eed geldt de aanwijzing tot waarnemer als ingetrokken. Treedt in werking om 00.00 uur in Bonaire, Sint Eustatius en Saba en om 06.00 uur in het Europese deel van het Koninkrijk.

Rechtspraak bij dit artikel