Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk V

Artikel 46

Artikel 46

Onderdeel van Wet op het notarisambt BES· Ondernemingspraktijk

Deze tekst geldt sinds 10 oktober 2010

1. De notaris is bevoegd tot het uitgeven van grossen, afschriften en uittreksels van de onder hem in minuut berustende notariële akten. 2. De notaris is voorts bevoegd om afschriften en uittreksels af te geven van alle andere akten die in minuut onder hem berusten of die aan een in minuut onder hem berustende akte zijn vastgehecht. 3. De notaris mag ook afschriften en uittreksels maken van alle akten en stukken, welke daartoe aan hem vertoond, en, na met het afschrift of uittreksel vergeleken te zijn, teruggegeven worden. 4. Behoudens de bij de wettelijke regelingen daaromtrent bepaalde uitzonderingen, moeten de uittreksels gelijkluidend zijn met de overgenomen gedeelten en moeten altijd het hoofd en slot van de akte alsmede de vermelding van de handelende personen, hun betrekkingen en hoedanigheden, in het uittreksel voorkomen. Aan het slot worden gesteld de woorden: «Uitgegeven voor woordelijk gelijkluidend uittreksel». Treedt in werking om 00.00 uur in Bonaire, Sint Eustatius en Saba en om 06.00 uur in het Europese deel van het Koninkrijk.

Rechtspraak bij dit artikel