Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk V

Artikel 53

Artikel 53

Onderdeel van Wet op het notarisambt BES· Ondernemingspraktijk

Deze tekst geldt sinds 10 oktober 2010

1. De notaris is verplicht binnen de eerste tien dagen van iedere maand bij de Direkteur der Belastingen in te leveren, desgewenst tegen ontvangstbewijs, in dubbel opgemaakte lijsten waarop naar volgorde van verlijden de in artikel 1, eerste lid, van de Wet op het testamentenregister BES genoemde akten die in de voorafgaande kalendermaand door hem zijn verleden of aan hem ter hand zijn gesteld, zijn ingeschreven. 2. Ieder nummer van deze lijsten moet bevatten: het nummer, waaronder de akte in het repertorium is vermeld; de aard en de datum van de akte; de voornamen, de naam, het beroep of de maatschappelijke betrekking en de woonplaats van de persoon die een beschikking als bedoeld in artikel 1 van de Wet op het testamentenregister BES, maakt, zoals en voor zover deze gegevens in de akte zijn vermeld, en de datum en de plaats van geboorte van die persoon of, indien een van beide of beide gegevens niet kunnen worden opgegeven, de verklaring dat en om welke reden die opgave niet mogelijk is; de voornamen, de naam, de ambtsbetrekking en de standplaats van de notaris door wie de akte is verleden of aan wie zij is ter hand gesteld, zo deze een waarnemer is de voornamen, de naam, de ambtsbetrekking en de standplaats van de notaris wiens kantoor hij waarneemt. 3. Indien in de afgelopen kalendermaand geen akten als bedoeld in het eerste lid, door een notaris zijn verleden of aan hem zijn ter hand gesteld, moet hij daaromtrent binnen de termijn, bedoeld in het eerste lid, bij de Direkteur der Belastingen een schriftelijke verklaring inleveren. 4. Van een in dit artikel bedoelde inlevering wordt op de dag waarop zij is geschied, in het repertorium aantekening gedaan. Treedt in werking om 00.00 uur in Bonaire, Sint Eustatius en Saba en om 06.00 uur in het Europese deel van het Koninkrijk.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel