De dienstplichtige kan, als hij voor groot verlof in aanmerking komt, in werkelijke dienst worden gehouden:
gedurende evenveel dagen als hij voor het ondergaan van straf, door ongeoorloofde afwezigheid of door desertie niet aan de dagelijkse dienst heeft deelgenomen;
zolang dit nodig is voor het ondergaan van straf of voor het onderzoek omtrent een strafbaar feit of een krijgstuchtelijk vergrijp waarvan hij verdacht of beklaagd wordt;
zolang het vertrek met groot verlof gevaar zou opleveren voor verspreiding van een in de etablissementen van de krijgsmacht heersende of geheerst hebbende besmettelijke ziekte.
Treedt in werking om 00.00 uur in Bonaire, Sint Eustatius en Saba en om 06.00 uur in het Europese deel van het Koninkrijk.
Titel I › Hoofdstuk VII
Artikel 30
Artikel 30
Onderdeel van Dienstplichtwet BES· Staats- en bestuursrecht
Deze tekst geldt sinds 10 oktober 2010