Naar hoofdinhoud

Boek 1 › Titel 1 › Afdeling 2

Artikel 29

Artikel 29

Onderdeel van Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering BES· Procesrecht

Deze tekst geldt sinds 10 oktober 2010

1. Indien in de loop van een rechtsgeding de bijstand van een tolk vereist wordt, wordt die door partijen of, in geval van verschil van mening, door de rechter in eerste aanleg of fungerend voorzitter van het Hof van Justitie gekozen. 2. Indien de gekozene niet een van overheidswege toegelaten beëdigd vertaler is, legt hij, alvorens zijn werkzaamheden aan te vangen, op de terechtzitting de eed of de belofte af dat hij de van hem als tolk gevorderde diensten met getrouwheid en naar zijn geweten zal verrichten. 3. Wordt bij verrichtingen van een rechter-commissaris een tolk vereist, dan gaan de bemoeienissen van de fungerend voorzitter op die rechter-commissaris over. Treedt in werking om 00.00 uur in Bonaire, Sint Eustatius en Saba en om 06.00 uur in het Europese deel van het Koninkrijk.

Rechtspraak bij dit artikel